breda.sp.nl

Homepage SPBreda

Hulpdienst

Hulpdienst SP Breda
Tel. 06 – 30 97 78 75
hulpdienstbreda@sp.nl

Volg SP Breda

Google+ Hyves Twitter Facebook

Nieuwsbrief SP Breda

Benieuwd naar wat wij uitvoeren?
Neem dan een abonnement op onze digitale nieuwsbrief!


Op Twitter

Zoeken in Breda

SP Breda :: Fractie-weblog

donderdag 2 december 2010

Uitbreiding koopzondagen doorgedrukt tegen wil winkeliers

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 12:13 uur

Tegen de wens van de overgrote meerderheid van winkeliers in de binnenstad wordt de uitbreiding van de koopzondagen gewoon doorgedrukt. Tijdens de commissievergadering van 30 november spraken maar liefst negen mensen in. Zij waren allemaal tegenstander van het toeristisch regime waarbij 52 koopzondagen mogelijk zijn. In het gunstigste geval willen ze 19 koopzondagen, maar de meesten houden het liever bij de huidige situatie van 16 koopzondagen.

Wethouder Meeuwis is echter doof voor de geluiden vanuit de winkeliers. ‘De VVD heeft tijdens de verkiezingen beloofd dat de uitbreiding van de koopzondagen er komt, dus dat doen we ook’, aldus de wethouder. Dat daarbij totaal wordt voorbij gegaan aan de onlangs aangenomen winkeltijdenwet, het convenant van het RetailPlatform Breda en de wens van de winkeliers en bewoners interesseert hem niet. Meeuwis wil is wet.

Op 16 december neemt de gemeenteraad een definitief besluit over de koopzondagen. Dan zullen we weten of de coalitiepartijen, inclusief het CDA, het toeristisch regime gaat vaststellen om de Bijenkorf en V&D tegemoet te komen met hun wens op 3 dolle dwaze dagen extra open te kunnen zijn op zondag. Of gaat men op de valreep toch nog luisteren naar wat de winkeliers zelf willen?

zaterdag 25 september 2010

Wie spreekt namens winkeliers Binnenstad?

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 16:24 uur

Op dinsdag 21 september organiseerde de SP een bijeenkomst voor winkeliers uit de binnenstad over de koopzondagen. Het RetailPlatform Breda (RPB) bepaalt in overleg met de ondernemersverenigingen jaarlijks de koopzondagen. Voor 2011 stelt het RPB voor het aantal koopzondagen van 16 naar 20 keer per jaar te verhogen.

Van diverse winkeliers hoorden we dat ze niet gevraagd was naar hun mening over de uitbreiding van koopzondagen. Zelfs een voorzitter en diverse bestuursleden van winkeliersverenigingen hadden nooit de vraag gehad van het RPB hoeveel koopzondagen ze willen in 2011.

De SP vraagt zich nu af wie het RPB vertegenwoordigt. Ze zouden namens de winkeliers spreken, via de winkeliersverenigingen. Maar veel winkeliers en bestuursleden van deze verenigingen voelen zich niet vertegenwoordigd en zijn niet gehoord.

Daarom gaat de SP door met de enquete onder winkeliers, samen met winkeliers uit o.a. de Brugstraten, Veemarktstraat en Halstraat. Het RPB heeft toegezegd hun voorstel over de koopzondagen te zullen heroverwegen als de meerderheid van winkeliers hier tegenstander van blijkt te zijn. Als winkelier kun je nog steeds het enqueteformulier invullen:

Fractievoorzitter Patrick van Lunteren heeft vragen gesteld aan het College van Burgemeester en Wethouders over de hele gang van zaken. Hij wil van het College weten hoe men denkt over de werkwijze en vorm van communicatie van het RPB. Ook wil hij weten of het College vindt dat kleine zelfstandig ondernemers net zo belangrijk zijn voor Breda als de grote winkelketens. De bewoners van de binnenstad worden helemaal niet gehoord als het gaat over de koopzondagen. De SP roept het College op dit alsnog te doen.

dinsdag 4 mei 2010

Hoe 500.000 euro van ons belastinggeld naar een onbekend plan kan gaan…

Hoort bij: Algemeen, Blogroll, Onderwijs & Economie, Uit de raad door Michel Spekkers om 12:26 uur

Vol onbegrip luisterde ik afgelopen donderdag naar de Raadsvergadering. De Raad stemt in met het plan om in tijden van crisis en bezuinigingen een half miljoen euro te steken in het plan Con-nex’. Een plan dat aan alle kanten rammelt. Dat geeft me nog weinig vertrouwen dat de schaarse budgetten sociaal en rechtvaardig zullen worden verdeeld.

Het is notabene mijn eerste agendapunt als commissielid voor de gemeenteraad Breda. Er zou 500.000 euro wat bedoeld was voor het regiofonds overgeheveld worden in een project genaamd Con-neX. We zijn tegen het regiofonds zoals dat was voorgesteld. Dus dat geld kon mooi terug de toch al noodlijdende gemeentekas in, zo was onze gedachte. Maar nee hoor, het geld moet direct besteed worden. Snel beslissen over Con-neX was verstandig want dan zou de provincie er vanuit een subsidiepotje miljoenen bij kunnen leggen; allemaal weggegooid geld dus.

Con-neX is initiatief van Avans Hogeschool, Rewin en de Gemeente Breda. Con-neX moet een hypermodern verzamelgebouw worden waar kleinschalige innovatieve bedrijven (40 tot 50 stuks) huisvesting krijgen met betere aansluiting op het bedrijfsleven en het onderwijs.

Als eerste viel het me al op dat er was gekozen voor nieuwbouw. Dit omdat er al bijna 10% van de kantoorpanden leegstaan, en er al veel bouwplannen zijn voor nieuwe kantoorpanden waardoor de leegstand hoogstwaarschijnlijk alleen maar zal toenemen. (zie onderzoek van DTZ, pagina 13) . Waarom niet één van de leegstaande kantoorpanden gebruiken?

Volgens Wethouder Meeuwis komt het nieuwe te bouwen kantoorpand op de locatie van het oude Avans pand op de Lovensdijkstraat:

Meeuwis: Het is niet op het Jekaterrein, maar aan de Lovensdijkstraat (zie verslag commissievergadering pagina 5)

Ook Con-neX stelt in haar bedrijfsplan dat de panden op de Lovensdijkstraat in aanmerking komen voor nieuwbouw (zie pagina 22) Dit bevreemdt mij omdat mij ter oren was gekomen dat ze op dit moment bezig zijn met renovatie van alle kozijnen op die locatie van Avans. Ik besloot om te bellen met dhr René Schenk (Adjunct-Directeur Avans) welke nergens van op de hoogte was. Ik denk: ‘probeer het nog een stapje hoger’ en kwam in gesprek met Marja Kansma (raad van bestuur Avans). Op mijn vraag of zei bekend was met de sloop van het pand wist ze mij het volgende te vertellen.

Kansma: Er wordt niets gesloopt en er komt geen gebouw bij op het terrein van de Lovensdijkstraat

De grootste partner AVANS weet echter nog van niks. Zowel de Adjunct-Directeur als een lid de Raad van Bestuur van Avans weten helemaal niets van sloop en nieuwbouw. Toch blijft de wethouder in de Raadsvergadering volhouden dat dit wel het geval is.

De huurpijs

Con-neX moet toegankelijk zijn voor kleinschalige startende innovatieve bedrijven, dan zou ik persoonlijk verwachten dat ze de kosten voor de maandelijkse huur zo laag mogelijk houden, echter stelt Con-neX haar huurprijs vast op 300 euro m2 pj. (pagina 29).. dat is in mijn ogen een hoge huurprijs aangezien DTZ het gemiddelde stelt op 124 euro (zie rapport pagina 13). Natuurlijk valt er iets te zeggen voor de kosten die het meebrengt om onderwijs en het bedrijfsleven toegankelijker te maken.

Uitstroom

Con-neX pretendeert in 25 jaar 3000 arbeidsplaatsen te kunnen creeren via dit initiatief. Dit baseert zij op dat er voor 40-50 bedrijven een werkplek gecreerd kan worden. Con-neX stelt echter zelf in haar bedrijfsplan dat er veel minder bedrijven zijn die hier gebruik van zouden kunnen maken (10-12) en dit is zelfs een risicovolle schatting.

Con-neX: Wanneer deze uitkomst omgezet zou worden naar de volledigedoelgroep van 3.882 bedrijven zou dit betekenen dat de markt voor ‘in vestiging op korte termijn geïnteresseerde jonge, kleinschalige technologisch georiënteerde business-to-business bedrijvigheid’ bestaat uit ongeveer 10 tot 12 bedrijven. Echter, met het bijzonder klein aantal respondenten dat voldoet aan de eerder gestelde criteria is een inschatting van de betekenis van de resultaten van de steekproef voor ‘op technologie georiënteerde bedrijvigheid’ in de totale populatie redelijk risicovol.

(zie pagina 16 van het bedrijfsplan)

Daarnaast moeten we ons zelf de volgende vragen stellen: Con-neX is al drie jaar bezig met dit initiatief. Van wanneer dateert dit onderzoek? Is het nog wel correct sinds de komst van de Crisis? Wie zegt dat de uitstroom in onze regio zal blijven?

Alternatieven

Waarom kiest de gemeente er daarnaast niet voor om te investeren in bestaande initiatieven? Heuvel 100 welke aan het eind van het jaar weg zal zijn of het Blushuis of andere soortgelijke startersplekken in Breda?

Financiering

In totaal kost het Con-neX project ruim 7 miljoen (volgens de gemeente) of ruim 8 miljoen (volgens Con-neX zelf, zie pagina 30) dit betekent dat er naast de 500.000 van de gemeente ook andere investeerders zijn. Hoe ver zijn die ? Is alles rond? Wat is het risico voor de gemeente als de anderen niet over de brug komen? Zijn we ons geld dan kwijt?

Conclusie

Vorige week heeft de gemeenteraad er in meerderheid voor gekozen het regiofonds stop te zetten en 500.000 euro aan een project te geven wat leegstand oplevert en, waar de partners helemaal niet op de hoogte zijn van de sloop van één van hun schoolgebouwen en waar in hun eigen bedrijfsplan de cijfers van uitstroom zichzelf tegenspreken. Tussendoor moeten bestaande projecten (o.a. Heuvel 100) verdwijnen. Volgens mij is dit de eerste grote fout van de nieuwe gemeenteraad.

maandag 19 oktober 2009

SP: behoud industrieel erfgoed Belcrum

Hoort bij: Onderwijs & Economie door webmaster om 10:05 uur

Breda voert de leus ‘Een stad met karakter’. Dat karakter wordt mede bepaald door ons historisch erfgoed. We zijn een Nassaustad, een kazernestad en we hebben religieus erfgoed. De St. Annakerk en de Heilig Hart Kerk zijn gered. Dit in tegenstelling tot de vele kerken die gesloopt zijn in de jaren ’70 en ’80. Tegenwoordig zijn we ons ook bewust van ons industrieel erfgoed. Daar hebben onze voorouders de centen verdiend in Breda.

De Provincie Noord-Brabant heeft 11 miljoen beschikbaar om industrieel erfgoed op te knappen. Eerst mochten de vijf grootste Brabantse steden (de B5) geen aanvragen doen, maar nu gebleken is dat de kleinere gemeenten relatief weinig aanvragen hebben gedaan, is alsnog de mogelijkheid geschapen voor Breda om een beroep te doen op deze subsidie. In de wijk Belcrum staat veel oud industrieel erfgoed. Denk aan de panden van Backer & Rueb, Electron, Klavers Janssen e.o. en Puijfelik.

Dit zijn echter nog geen monumenten en kunnen derhalve geen aanvraag indienen voor dat geld. In de komende jaren zal dit gebied een gedaanteverwisseling ondergaan. Is het niet raadzaam om te kijken of we het industrieel verleden van Breda deels kunnen behouden? Er is al veel van weg. De ETNA, Kwatta, Gasfabriek, CSM enzovoorts. Een goed voorbeeld van behoud zijn de gebouwen van de Oranjeboomfabriek die deels blijven staan en worden ingebed in de nieuwe wijk ‘De Drie Hoefijzers’.

We hebben daarom de volgende vragen gesteld aan het College:

  1. Kan B&W een onderzoek doen naar de mogelijkheid om een aantal gezichtsbepalende historische industriële panden in de wijk Belcrum tot gemeentelijk monument te verklaren aan de hand van de erfgoedmeetlat?
  2. Wil de gemeente daarna de eigenaren wijzen op het feit dat er een subsidie beschikbaar is voor monumentaal industrieel erfgoed?

vrijdag 25 september 2009

Schandalige praktijken bij re-integratiebureau Sagenn

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 8:59 uur

In de afgelopen jaren hebben we als SP veel klachten ontvangen over re-integratiebureaus. In 2008 is er landelijk een meldpunt geopend waarbij deelnemers naar hun ervaringen werd gevraagd. Van de ruim 200 meldingen waren er slechts 4 positief. Veruit de meeste meldingen hadden betrekking op de slechte kwaliteit van de re-integratietrajecten.

Ook in Breda krijgt de SP regelmatig klachten over re-integratietrajecten. We hebben ook al vaker vragen aan het College gesteld over de resultaten van re-integratiebureaus. Nog steeds is het niet duidelijk hoe groot de daadwerkelijke structurele uitstroom naar een vaste baan is. De gemeente registreert immers alleen de eerste uitstroom en weet niet of iemand na een halfjaar nog steeds een baan heeft.

Sinds de introductie van de marktwerking in de re-integratiesector is in Nederland ruim € 7,7 miljard uitgegeven aan re-integratietrajecten. Hoeveel mensen hiermee structureel aan het werk zijn geholpen en hoeveel dit dan per persoon heeft gekost is volstrekt onduidelijk.

In Breda hebben we diverse klachten gekregen over het bedrijf Sagenn. Sagenn is een combinatie van een re-integratiebedrijf en uitzendbedrijf binnen één concern. Dit betekent dat dit bedrijf aan twee kanten geld verdient aan een re-integratietraject. De gemeente Breda betaalt een vast bedrag per re-integratietraject. Vervolgens stuurt Sagenn Re-integratie de cliënt door naar Sagenn Detachering en Uitzending waarbij de medewerker tegen een uurtarief wordt ingezet voor werkzaamheden binnen het eigen werkbedrijf of bij andere bedrijven. Op deze manier zijn nog meer bedrijven actief (USG Restart, Serin, Salto).

Uit gesprekken die we met diverse betrokkenen hebben gevoerd, blijkt dat Sagenn op dubieuze wijze declareert, mensen onder erbarmelijke omstandigheden laat werken, nauwelijks begeleiding biedt bij het vinden van een baan en onder valse voorwendselen contracten heeft afgesloten met de gemeente. Hierna volgt een opsomming om de werkwijze van Sagenn nader toe te lichten.

Facturatie
Elk re-integratietraject wordt vooraf gefactureerd. Als een cliënt op 1 april start in een traject ontvangt het re-integratiebedrijf direct het bedrag voor de periode 1 april tot 1 juli. Als iemand na een week al een baan heeft gevonden, wordt er geen eindafrekening opgemaakt. Het re-integratiebureau mag het volledige kwartaalbedrag houden. Als iemand aan het einde van het kwartaal een baan heeft gevonden wordt er alles aan gedaan om de startdatum even uit te stellen tot het begin van het nieuwe kwartaal. Op die manier kan nog het volledige kwartaalbedrag van het volgende kwartaal worden gefactureerd.

Detachering/uitzending
Cliënten worden regelmatig uitgeleend aan andere bedrijven. Een voorbeeld is de inzet van cliënten bij Valtrade BV te Gilze Rijen. Dit is een commercieel bedrijf dat in- en ompakwerkzaam-heden verricht. Cliënten werden ingehuurd door Valtrade tegen een tarief van 3 euro per uur. Het komt zelfs voor dat cliënten tegen een commercieel tarief worden ingezet als uitzendkracht bij bedrijven, voor 15 euro per uur. Dit geld verdwijnt rechtstreeks in de kas van Sagenn.

Werkfabriek
Bij de start van de samenwerking met Sagenn werden cliënten naar Dordrecht gestuurd om te werken. Reiskosten werden pas achteraf vergoed waardoor het voor veel cliënten onmogelijk was om naar Dordrecht te reizen. Vanwege de afstand was begeleiding door Sagenn minimaal, mensen werden aan hun lot overgelaten. Later werden mensen ingezet bij Valtrade in Rijen. Hier werd hartje winter gewerkt in een oude loods met kapotte ramen, zonder werkschoenen, zonder werkkleding, onder zeer slechte arbeidsomstandigheden. Na een jaar op deze manier te hebben ‘aangerommeld’ heeft Sagenn uiteindelijk een werkfabriek in Breda geopend.

Begeleiding
Cliënten worden nauwelijks begeleid naar een baan. Er zijn geen sollicitatietrainingen, geen hulp bij het zoeken naar vacatures, geen ondersteuning bij het schrijven van sollicitatiebrieven etc. De enige ondersteuning is het tewerkstellen van cliënten zodat ze weer in een ‘werkritme’ komen. Veruit de meeste cliënten die een baan vinden hebben dit zelfstandig gedaan, zonder hulp van Sagenn.

Sociale activering
Bij de aanbesteding van een traject op het gebied van sociale activering heeft Sagenn zich gepresenteerd voor een commissie van de gemeente Breda. Daarbij heeft men verklaard ruime ervaring te hebben in Breda met sociale activering. De betrokken medewerkers van Sagenn waren echter niet werkzaam in Breda maar in Dordrecht. Op het moment dat Sagenn de opdracht kreeg voor sociale activering moest in Breda nog gezocht worden naar personeel om dit traject te begeleiden.

Inburgeringtrajecten
In de groep inburgeraars die begeleid moest worden was geen enkele differentiatie. Universitair geschoolden zaten in een groep met analfabeten. Vanwege de diversiteit wordt niemand goed geholpen: voor de hogeropgeleiden is het tempo veel te traag, voor analfabeten veel te hoog.

Controle door gemeente
Er vindt nauwelijks controle door de gemeente plaats op de werkzaamheden van het re-integratiebedrijf. In het begin van het traject wordt een intakeverslag naar de casemanager gestuurd. Daarna volgen er geen verslagen meer, alleen één keer per kwartaal een actielijst. Hierop wordt summier aangegeven welke acties er hebben plaatsgevonden. Ook facturen worden niet inhoudelijk gecontroleerd maar standaard voldaan door de gemeente.

De SP is geschokt over de manier waarop er wordt omgegaan met mensen en gemeenschapsgelden als het gaat om re-integratietrajecten. We hebben daarom een aantal vragen aan het College.

Vragen:
1. Bent u op de hoogte van bovenstaande werkwijze van Sagenn? Zo ja, wat vindt u hiervan en wat gaat u er aan doen om dit te verbeteren? Zo nee, bent u bereid onderzoek te doen naar de beschreven werkwijze en op welke termijn kunnen wij hierover een rapportage verwachten?
2. Heeft de werkwijze van Sagenn gevolgen voor dit bedrijf? Gaat u bijvoorbeeld alsnog teveel betaalde gelden terugvorderen of Sagenn uitsluiten bij een volgende aanbestedingsronde? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen tegen Sagenn? Zo nee, waarom neemt u geen maatregelen?
3. Hoeveel geld heeft de gemeente Breda sinds 2002 uitgegeven aan re-integratietrajecten? Hoeveel cliënten hebben hier een vaste baan aan overgehouden, dus langer dan zes maanden? Hoeveel mensen zijn weer teruggestroomd in een uitkeringssituatie?
4. Binnenkort is er weer een nieuwe aanbestedingsronde voor re-integratietrajecten. Heeft u de ‘oude’ re-integratietrajecten geëvalueerd? Zijn er uit die evaluatie zaken gekomen waarmee u in de nieuwe aanbestedingsronde rekening gaat houden? Zijn er bedrijven, zoals Sagenn, die niet meer in aanmerking komen voor de nieuwe aanbestedingsronde?
5. Bent u bereid onderzoek te doen naar het zelf verrichten van re-integratietrajecten en het hiervoor opzetten van een gespecialiseerde afdeling binnen de gemeente. Dit kan bekostigd worden uit de gelden die anders zouden worden uitgegeven aan het inschakelen van een commercieel re-integratiebedrijf. Zo ja, wanneer kunnen we de uitkomst van dit onderzoek en een voorstel verwachten? Zo nee, waarom niet?

donderdag 16 juli 2009

Megasuper wordt doodsteek winkelcentra

Hoort bij: Onderwijs & Economie, Uit de raad door webmaster om 22:25 uur

De megasupermarkt die bij het NAC-stadion gaat komen – met 6000 vierkante meter meteen de grootste van Nederland – wordt de doodsteek voor de wijkwinkelcentra in Tuinzigt en de Haagse Beemden. De supermarkt moet een omzet halen van 30 miljoen euro om rendabel te zijn; omzet die moet komen van met name de supermarkten in Tuinzigt en de Haagse Beemden. Als deze supermarkten in de problemen komen, zijn ook de winkelcentra op termijn niet levensvatbaar meer, met alle gevolgen van dien voor bewoners die niet in de auto kunnen stappen voor de dagelijkse boodschappen. Ook de gevolgen van de aanzuigende werking van verkeer bij de megasupermarkt zijn onvoldoende in kaart gebracht. Hoewel vele organisaties waarschuwden voor de consequenties van de plannen, van winkeliers- tot bewonersverenigingen, had de overgrote meerderheid van de gemeenteraad daar geen enkele boodschap aan. Alleen de SP steunde de protesten.

De SP stelde als alternatief voor om de evenementenhal, die waarschijnlijk toch niet bij de Bavelse Berg kan komen, te integreren in de plannen voor het Stadionkwartier. Daarmee slaan we verschillende vliegen in een klap: er ligt al een groot parkeerterrein wat hergebruikt kan worden, en zijn kansen voor synergie met sport-gerelateerde detailhandel, en zo kan NAC ook haar grond financieel interessant ontwikkelen zonder megasupermarkt.

vrijdag 10 juli 2009

SP vraagt om groendaken op noodlokalen

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 10:46 uur

Op 3 juli jl. stond in BN/De Stem een artikel over de onwerkbare toestanden in de vele tijdelijke onderwijshuisvesting, beter bekend als ‘noodlokalen’, die onze gemeente rijk is. Temperaturen kunnen wel oplopen tot 35 graden Celsius en meer. Hoe kunnen wij van onze jeugd en hun leraren verwachten onder deze erbarmelijke omstandigheden naar behoren te presteren?

Het feit dat deze noodlokalen slechts tijdelijk zijn mag geen excuus zijn voor de slechte klimatologische omstandigheden. Sommige noodlokalen staan er immers zoveel jaar dat leerlingen hun volledige basisschooltijd doorlopen in een ‘tijdelijke’ onderwijsruimte. De SP-fractie wil dat het College serieus werk maakt van het verbeteren van de kwaliteit van deze tijdelijke onderwijshuisvesting.

De opwarming wordt veroorzaakt door de combinatie van een plat dak, weinig massa en vaak zwarte dakbedekking. Een eenvoudige en duurzame oplossing zou naar onze mening een groendak kunnen zijn. De plantjes (sedum) zuigen vocht op en zorgen zo voor een buffer tegen opwarming. Daarnaast heeft een groendak nog meer voordelen zoals het ontlasten van de riolering en het ziet er fraai uit voor de omgeving. Specialisten op het gebied van tijdelijke onderwijsgebouwen en groendaken verzekeren ons dat een groendak ook op de reeds bestaande noodlokalen een mogelijkheid is. De ontwikkeling op het gebied van groene daken heeft de laatste jaren een enorme vlucht genomen en ook de kosten zijn sterk gedaald.

Daarom heeft de SP het College gevraagd te onderzoeken of het mogelijk is de noodlokale te voorzien van groendaken.

Sanering asbest scholen dankzij vragen SP

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 10:44 uur

In juli 2008 hebben we de wethouder gevraagd om een inventarisatie te doen naar asbest op basisscholen. Na overleg met de schoolbesturen heeft begin 2009 deze invetarisatie plaatsgevonden. Ook zijn de noodzakelijke saneringsmaatregelen in kaart gebracht. In de kadernota van 2010 heeft het College € 725.000,– beschikbaar gesteld om op korte termijn saneringsmaatregelen te gaan treffen.

Dankzij de SP Breda zal asbest worden verwijderd dat nog aanwezig was in Bredase basisscholen.

dinsdag 16 september 2008

Gerommel in het basisonderwijs

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 10:55 uur

Om goed basisonderwijs voor alle kinderen in de gemeente Breda te kunnen garanderen is één van de voorwaarden dat de schoolbesturen in Breda in goede harmonie samenwerken. Het lijkt er echter op dat de verhoudingen tussen de schoolbesturen verstoord zijn door de opstelling van het bestuur van het OPO. De spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen is de laatste brief van het OPO over de vestiging van een Nutsschool in Teteringen. In deze brief chanteert het OPO het College door te stellen dat OPO zich terugtrekt uit de Brede School in Breda-Noord als de vestiging van een Nutsschool in Teteringen door gaat.

We hebben vernomen dat de relatie tussen de schoolbesturen zo is verslechterd, dat dit de reden is geweest om het reguliere overleg van 15 september jl. tussen de schoolbesturen en de wethouder af te zeggen c.q. op te schorten. Met alle ontwikkelingen op onderwijsgebied (vestiging Nutsschool, brede scholen, etc.) vindt de SP Breda het noodzakelijk dat er goed overleg is tussen alle schoolbesturen en de wethouder. Daarom hebben wij de volgende vragen gesteld aan het College.

1. Is het juist dat het overleg van 15 september 2008 tussen schoolbesturen en de wethouder is afgezegd?
2. Wat is de reden van de afzegging van dit overleg?
3. Is het College bekend met het feit dat de verhoudingen tussen het OPO en de overige drie schoolbesturen verstoord is?
4. Wat gaat het College er aan doen om deze verhoudingen zo snel mogelijk weer te normaliseren?

De hele gang van zaken rondom de Nutsschool in Teteringen vindt de SP-fractie nogal vreemd. Eerst heeft de PvdA-wethouder 2 jaar geprocedeerd om te voorkomen dat de Nutsschool in Teteringen komt. De PvdA-fractie in de gemeenteraad is mordicus tegen een Nutsschool in Teteringen. Ze hebben zelfs geprobeerd een nader onderzoek naar de meest geschikte locatie te saboteren door slechts 2 locaties te willen onderzoeken en Teteringen buiten het onderzoek te houden. En het OPO is de enige van de vier schoolbesturen die tegen een Nutsschool in Teteringen is. De voorzitter van het OPO is prominent PvdA-lid. Waarom zou de PvdA toch zo tegen die Nutsschool in Teteringen zijn? Misschien horen we de echte reden in de volgende commissie Onderwijs en Economie.

dinsdag 1 juli 2008

Onderzoek naar asbest op scholen

Hoort bij: Onderwijs & Economie door Joyce van der Sanden om 8:40 uur

In de raadsvergadering van 26 juni 2008 hebben we opnieuw vragen gesteld over asbest op scholen. Op onze schriftelijke vragen over dit onderwerp kregen we te horen van de wethouder dat een algemene inventarisatie van asbest op scholen niet nodig was. Bij de aanwezigheid van asbest op scholen wordt dit door een gespecialiseerd bedrijf verwijderd, waardoor er geen gevaar zou zijn voor kinderen en personeel.

Wij waren niet tevreden met dit antwoord. Je weet immers niet of er asbest in scholen aanwezig is en of dit gevaar oplevert, als je dit niet onderzoekt. Daarom hebben we nogmaals aangedrongen op een inventarisatie naar asbest op alle basisscholen. De wethouder was het hier uiteindelijk mee eens. Hij gaat in overleg met de schoolbesturen en zal vervolgens een inventarisatie laten uitvoeren.

Volgende pagina »

34 queries. 0,313 seconden. Powered by WordPress